• LOGIN
  • Geen producten in je winkelmand.

Les 1.1: Magie is de basis van alle fantasyverhalen

Wat jij voor je boek nodig hebt, is een degelijk magisch systeem. Daarmee bedoel ik dat de vorm van magie die voorkomt in jouw verhaal gebonden is aan vaste regels en beperkingen.

Magie is de basis van alle fantasyverhalen

Magie komt in zo goed als alle fantasyverhalen voor: van high fantasy tot magisch realisme. Voor de fantasyschrijver is magie wat verf voor een schilder is. Zonder magie is het domweg geen fantasyverhaal.

Nu is er niks mis met magische vuurbollen of bliksemstralen uit je wijsvinger, maar zulke zaken horen in een computerspelletje of een roleplayinggame (RPG) thuis, niet in een roman.

Wat jij voor je boek nodig hebt, is een degelijk magisch systeem. Daarmee bedoel ik dat de vorm van magie die voorkomt in jouw verhaal gebonden is aan vaste regels en beperkingen. Op die manier kan een lezer zien dat je niet vals speelt. Als jouw hoofdpersoon maar drie keer een spreuk kan gebruiken om een weerwolf af te weren, dan moet de vierde wolf je de strot af kunnen bijten. Het is zeldzaam storend als je dan toch een magische amulet om je nek blijkt te dragen die de vierde weerwolf velt.

Magie werkt in de hele wereld op min of meer dezelfde manier. Je mag natuurlijk je eigen systeem verzinnen, maar leer eerst de fundamentele regels. Anders blijf je het wiel uitvinden en dat nemen vooral de oplettende lezers je kwalijk. Je zult die oplettende en belezen lezers nog vaker tegenkomen in deze cursus. Mijn taak is te zorgen dat zij bij jouw verhaal niet meteen ‘Dat ken ik al’ mopperen.

De meeste mensen geloven in magie en je hoofdpersonen waarschijnlijk ook

Laat ik je om te beginnen een hart onder de riem steken: wat zure critici ook beweren, zo’n tachtig procent van de mensheid zal jouw boeken niet als wereldvreemde verzinsels maar als fel realistische romans beschouwen. Een aantal kerkgenootschappen zal ze zelfs willen verbieden.

De meeste mensen weten namelijk zeker dat onder een ladder doorlopen op vrijdag de dertiende fataal is, dat er elfjes in hun achtertuin dansen en in elke waterput een djinn huist. De zon is een brandende rots, of een wel erg grote gloeilamp die om de aarde draait, terwijl de aarde zelf overigens pas zesduizend jaar geleden door een man met een lange, witte baard geschapen werd. Nee, niet Gandalf.

Neem dit dus mee in je verhaal: je held hoeft niet hoofdstukken lang met uitpuilende ogen rond te stommelen terwijl hij: ‘Dit kan niet. Dit is onmogelijk, magie bestaat niet!’ jammert. Een geloofwaardiger reactie op een magische gebeurtenis is domweg je eigen ogen te geloven en zo snel mogelijk proberen uit te vinden wat de nieuwe regels zijn. Iemand die in hoofdstuk twee nog steeds zo’n verdwaasde reactie vertoond, wordt waarschijnlijk in hoofdstuk drie al verslonden.

Misschien protesteer je dat jijzelf volkomen rationeel bent en niet in magie gelooft?

Stel je dit scenario dan even voor: je loopt over het Waterlooplein in Amsterdam en botst tegen een stokoud Romavrouwtje op. Ze sist tegen je, fluimt een klodder slijm uit haar tandeloze mond op je schoenpunt en prikt met een scherpe nagel in je buik. ‘Smerige gadjo! Voor de maan vol is, zullen schuimbekkende honden je verslinden!’

Je bent niet bijgelovig? Waarschijnlijk zul je niet rustig slapen tot de maan weer minstens tot een sikkel gekrompen is.

BEKIJK ALLE Maak notitie
YOU
Plaats een opmerking
 

Meest populair

© 2018 - Fantasy-Schrijven, onderdeel van Schrijversmarkt.
X